Verbolgen op de Hema, omdat zij wel petticoats voor de junior mevrouwtjes hadden in prachtige kleuren, rood, roze, wit, zwart en blauw, rij ik iets voor kerst langs onze plaatselijke Feestwinkel. Of is het de carnavalswinkel?  In het noorden van het zuiden wordt er Carnaval gevierd, en daar hoort een Carnavalswinkel bij, voor het gemak noemt de winkel zich ook Feestwinkel, en dat is logisch want dat is voor een import Limburger,  zoals ik,  dan weer te begrijpen. En kerst is ook feest, en ik wil een petticoat. Voor kerst, en gewoon voor in mijn (veels te kleine) kledingkast.
Ik rij niet langs, ik stop en ga naar binnen bij de Feestwinkel van het dorp. Helemaal trots op mijn slimme ingeving, zing ik vrolijk mee op het feestmuziekje en geniet van alle felle kleuren die mij tegemoet knallen. Hier word je echt vrolijk van, nu was ik dit al, maar zeg maar dat ik hypervrolijk word. Pruiken, hoedjes, confetti in alle kleuren met en zonder glitters, panty’s met glitter, en panty’s in alle kleuren, zo ook de jasjes en en mijn petticoats! Ik neem een mandje want ik ben hyper vrolijk, en kom via de glitter confetti afdeling, uiteindelijk bij de afdeling met de petticoats! Mag ik ze allemaal? Ik heb de roze in mijn handen, de rode, de gele, de groene. En bij de blauwe petticoat denk ik bij mezelf, wacht eens even, kom eens terug op aarde! Kies een rode en een zwarte! En weet dat ze hier alle kleuren van de regenboog hebben. Die 2 passen nu bij wat jij in gedachten hebt. Dus met een mand vol, confetti, panty’s en 2 petticoats, tuig ik naar de kassa. Waar de winkelmevrouw op mij wacht, nu niet helemaal, zij is aan het bellen met haar mobiele telefoon. Ik wacht geduldig, dat kan  want ook in de Feestwinkel is rekening gehouden met de laatste impuls aankopen, op de toonbank staan prachtige (grote) blink blink ringen, in hartjes vorm. Ik hoor de winkelmevrouw zeggen, ik bel je zo terug ik heb een klant, zij beëindigt haar gesprek, en start het gesprek met mij, of nee, reageert op mij. Want nog steeds hyper, vertel ik haar enthousiast over alle kleuren petticoats die zij hebben hangen in de winkel en hoe gelukkig ik daar van word, de winkeljuffrouw kijkt mij ietwat vreemd aan en begint al mijn feest aanwinsten aan te slaan op haar kassa,  dan zegt ze “Wat een gewaagde laarzen heeft u aan”! “Ze zijn leuk hè, beaam ik vrolijk. En ik neem de winkeljuffrouw is goed in mij op, terwijl ik mijn pinpas door het apparaat haal. De gewaagde laarzen zijn blauw, aqua. Mijn aanwinsten komen in een “saaie” witte plastic tas, zonder opdruk en ik wuif de winkeljuffrouw gedag en wens haar nog een vrolijke dag. De winkeljuffrouw heeft haar mobiele telefoon alweer aan haar oor, en knikt nog wat meewarig naar mij. Ik sluit de winkeldeur, en dan sta ik even stil. Mompel hardop in mijzelf, gewaagde laarzen? Huh, wat een bijzondere opmerking voor een feestwinkeljuffrouw. Ik loop naar de auto, en kijk nog eens achterom, ja het staat er goed, feest- en carnavals winkel. Blij met mijn aankopen, gniffel ik om de winkeljuffrouw, gewaagde laarzen, vind ik een vreemde opmerking, wanneer je omringt wordt met feestartikelen.
En dan nadert het Carnaval! Het (verplichte) “ik mag gek doen en ik verkleed mij feest”. Mevrouwtje jr  vraagt zich af wat zij aan gaat trekken op de vrijdag voor de vakantie, carnaval op school. Ik maak weer een huppeltje want dat betekent een bezoek aan mijn winkel. Precies die winkel, de winkel met de petticoats in alle kleuren van de regenboog, en de winkeljuffrouw die gewaagde laarzen bijzonder vindt. We parkeren, en aan de auto’s te zien zijn we vandaag niet alleen in de winkel. De feestmuziek, klinkt nu als de plaatselijke carnavalshit en staat hard. Mevrouwtje jr. gaat op zoek naar inspiratie. Ik bekijk eens op mijn gemak de bezoekers van de feestwinkel en ontdek de winkeljuffrouw sterker nog er lopen meer winkeljuffrouwen rond. Ik herken ze aan de fluwelen jas in niet zo’n felle kleuren. Mijn dorpsgenoten passen hun tijdelijke outfit en kijken wat verlegen en opgelaten in de spiegel. Mijn meFroukje past allerlei petjes, hoedjes en brillen en heeft de grootste schik. Ze weet het ze wordt Smurf! We grabbelen de muts en de schmink uit de rekken, gaan naar de kassa,  met de winkeljuffrouw in de fluwelen niet zo’n felle kleurenjas en staan weer buiten. Met de smurfattributen in de saaie witte plastic tas, glimlach  ik en begin spontaan te zingen:  “Ik wil terug naar de kust”!  Dat is wat wij doen tijdens de dolle dwazen dagen van het Zuiden. Op weg naar de auto groet ik de dorpsbewoners die richting  de winkel lopen op zoek naar hun tijdelijk dolle outfit en vraag me af: Wanneer zou de Sale beginnen in mijn Feestwinkel? Die blauwe petticoat kleurt namelijk prachtig bij mijn “gewaagde laarzen”!